_

Kutboek (oktober 2014)

De kritiek van Zuster B. op mijn boek ‘Overlander’ was gevat in zulke bewoordingen dat ik haar mail een paar keer moest lezen voordat ik hem helemaal begreep. Toen ik eenmaal zover was, besefte ik dat de boodschap van de nu 76-jarige non met wie ik jarenlang in een Tanzaniaans missieziekenhuis werkte niet alleen voor mij is bestemd, maar voor onze hele samenleving.

Aanvankelijk keuvelt de brief nog vriendelijk door over het innemende verhaal en over alle Afrikanen die de zuster nog altijd na aan het hart liggen. Maar dan ineens verandert de toon:

‘…Aan één ding heb ik me vreselijk gestoord. Jouw woordkeuze vind ik niet passen bij mijn gevoel van waarde voor de vrouw. Het woord ‘kut’ wordt meerdere keren herhaald! Je doet net of het een vies woord is. En, hoewel sommigen dat omwille van hun roeping hebben afgezworen, maken de meeste mensen er toch graag gebruik van. Het is voor hen een bron van vreugde en er worden de mooiste kindjes doorheen geboren. Zij zijn de wonderen van het leven. Daarom vind ik dat dit woord niet te pas en te onpas moet worden gezegd.,,’

Overrompeld als ik was na het lezen van deze alinea ben ik gaan tellen.
‘Het komt allemaal door Jimmy’, verweerde ik me lafhartig in het eerstvolgende telefoongesprek dat ik met de zuster had. ‘Van de in totaal negen keer dat dat woord in het boek voorkomt, komt acht keer uit zijn mond.’
‘Zeg dan maar tegen die Jimmy’, antwoordde ze streng, ‘dat hij taalgebruik kuist. Anders krijgt hij met mij van doen.’
Ze liet het me beloven

Nu liep ik van de week langs de heropende boekhandel Donner op de Coolsingel. Uitgestald in de etalage en in het volle zicht stonden verscheidene exemplaren van het pas verschenen boek van Dimitri Verhulst. De titel luidt: ‘Kaddish voor een …’
Enfin, u raadt het al; klik maar op bijgaande foto.
Ik weifel nog wie ik het eerst moet waarschuwen. Zuster B. om voorlopig de boekwinkels te mijden? Of Dimitri? Dat hij een dezer dagen een heel boze 76-jarige non achter zich aan krijgt.